Views
3 years ago

2012-05

  • Text
  • Nieuwe
  • Jaar
  • Rotterdam
  • Binnenvaart
  • Februari
  • Schepen
  • Binnenvaartkrant
  • Waar
  • Onze
  • Loon

De Binnenvaartkrant 28

De Binnenvaartkrant 28 28 februari 2012 FEMM SCHEEPSUITRUSTING LOOP EENS BINNEN U bent van harte welkom! Boterhamvaartweg 2 B-2030 Antwerpen Tel. +32(0)3-2251444 Tel. +32(0)3-2906644 Fax +32(0)3-2906646 Mobiel +32(0)4-78656736 Internet www.femm.be www.bureauvoorlichtingbinnenvaart.nl Het zal je maar gebeuren! En als het ù gebeurt, moet u kunnen rekenen op professionals die er voor zorgen dat u snel en vakkundig wordt geholpen. Zodat uw schip zo snel mogelijk weer in de vaart komt. Professionals die zorgdragen voor een correcte financiële afwikkeling van de schade. Elk schip is uniek en vraagt om maatwerk. SON levert maatwerk voor de binnen- en pleziervaart en is 24 uur per dag bereikbaar. Maak kennis met een pure scheepsverzekeraar, praat eens met ons over een verzekering op maat. DEN BOER GELASTE SCHEEPSSCHROEVEN - sterk en veerkrachtig - licht in gewicht - hoogwaardig lassen - gemakkelijk te repareren - nauwkeurig uitgebalanceerd Advies op maat bij u aan boord? Bel: 050 - 525 55 00 ing. J.W den Boer Noord 41A Krimpen a.d Lek Tel. 0180 - 512264 b.g.g. 010 - 4820093 www.son.nl

De Binnenvaartkrant 29 28 februari 2012 Hoebée op de helling DOOR JOHAN DE WITTE Scheepswerf Hoebée, die in elke maritieme ondernemersagenda reeds 198 jaar voorkomt, sloot zijn hellingcapaciteit voor een half jaar om 15.000 vierkante meter werfterrein op de ‘helling te zetten’. In april is de werf toekomstproef om met veertien ‘verende’ hellingwagens een lengte van 150 meter en 4.000 ton gewicht droog te kunnen zetten voor het tijdloze ‘knippen en scheren’! Afgezien van inkomensderving en spaarpot die aan barrels gaat, vraagt de beslissing om met onder andere 435 heipalen, 2900 m3 beton, zo’n dikke 1.500 ton staal aan hellingbaan en wagens, nieuwe torenkraan plus de nodige expertise en onschatbaar veel manuren, je werf in een zes maanden lange marathon Poort open Op 2 juni zet Hoebée tijdens Dordt in Stoom van 10.00 tot 15.00 uur zijn poort open voor iedereen die wil komen kijken. Wilt u Hoebee in stijl bezoeken? Vanaf de Dordtse oevers vertrekken op 2 juni diverse boten met bestemming de werf, die compleet ‘op de schop’ genomen werd! De Majesteit, gebouwd in 1926 op de scheepswerf Gebr. Sachenberg in Keulen, is reeds gecharterd om alle medewerkers van de Kooiman Groep de werf eens van een andere kant te laten zien. te moderniseren, meer dan een scheepslading lef! Met een bedrijfsvoering die is afgestemd op scheepvaartontwikkeling ligt de Kooiman Groep uit Zwijndrecht, gezien hun prestatie in scheepsbouw en reparatie, op koers. Sinds januari acteert de Kooiman Groep elke zaterdag en zondag in de RTL7 binnenvaartpromotieserie, waarin de nieuwe Waterbuffel van Veerhaven een hoofdrol speelt. Hot nieuws uit Zwijndrecht is eveneens de aankomst van de hopperzuiger Reimerswaal voor verdere installatie. Opnieuw is er de order voor een volgende Veerhaven-duwboot waarin ook Hoebée zijn aandeel levert. Het is voor Gebr. Kooiman de vierde op een rij en zal in maart 2013 worden afgeleverd. De hopperzuiger is het grootste project ooit binnen de Kooiman Groep. De aanpak van Hoebée in Dordt met een dergelijk en gedurfd plan in het ondernemersklimaat van vandaag kreeg ruggensteun vanuit de groep Gebr. Kooiman Holding B.V. onder welke paraplu Gebroeders Kooiman, Hoebée, Van Os, Van Eijk, Mous en Duijvendijk schuilen. (foto’s Johan de Witte) Op de bouwplaats We treffen directeur Wim Kooiman in ketelpak tussen zijn medewerkers: “Eigenlijk bouwen we een compleet nieuwe werf. Met de nieuwe helling krijgen we een capaciteitsverbetering van 70 procent. In de oude vorm heeft Hoebée 42 jaar uitstekend gefunctioneerd, maar wegens de schaalvergroting in de scheepvaart hebben we de laatste jaren te dikwijls ‘nee’ moeten verkopen.” “Vanaf eind jaren ‘90 werden er brede en 135 meter lange schepen gebouwd. In 2011 had de Vorstenbosch met zijn 147,50 x 22,80 meter de primeur. Vragen voor het hellingen van dergelijke schepen alsook coasters, zware passagiersschepen en last but not least onze trouwe klanten in de visserij, vrachtvaart of tankvaart kunnen we straks met ‘JA’ beantwoorden.” “Of we dit op tijd doen, weet je nooit. Voorspellen is nu eenmaal geen wetenschap, dat bewijst de politiek of de euro wel. Zeker is dat wanneer klanten het vragen wij er klaar voor zijn.” Kooiman-label Aan ontwerp en engineering hangt het Kooiman-label. De Dordtse overheid gaf haar medewerking aan vergunningen en bewerkstelligde door de Merwedestraat een nieuwe energieaanvoerlijn. Eelko Dekker van Gebr. De Koning, dat heiwerk en betonstort verricht, vertelt midden op het enorme bouwterrein: “In de nieuwe kraanbaan hebben we palen van 25 meter geslagen en onder de helling tot aan de waterlijn aflopend naar 14 meter, waarna er een ijzersterke hellingvloer op is gestort.” Een karwei waar De Koning goed in is, noteren we huiverend van de kou. De ‘Elfstedentocht-gevoelstemperatuur’ vandaag geeft de mannen op de werkvloer geen duwtje in de rug. Een sectie van een hellingbaan neemt hier de plaats van een ‘voorganger’ in om uit de wind te presteren. Wij gaan naar huis om het op te schrijven, in het besef dat een organisatie als Hoebée functioneert door hoogwaardige faciliteiten en dienstverlening. Hoebée richt zijn eigen toekomst in met een scheepsbouw-, timmerscheepselektro-afdeling, machinefabriek, ontwerpbureau en 150 meter dwarshelling! VEILIG VAST | een bijdrage van Klaas den Braven, oud-lid van de CCR-werkgroep Gevaarlijke Stoffen Varen op LNG (1) Na de vorige aflevering als ludieke afsluiting van 2011 nu de werkelijkheid omtrent het varen op LNG. Deze keer wil ik ingaan op de problemen die je te wachten staan als je wilt overschakelen op een andere brandstof dan dieselolie. De motoren in de binnenvaart gebruiken al sinds mensenheugenis, althans daar lijkt het op, dieselolie als brandstof. In werkelijkheid is het algemeen gebruik ervan echter nog maar zo’n 75 jaar praktijk. Nu worden er de laatste jaren iedere keer weer nieuwe regels verzonnen waaraan de uitstoot van de motoren moet voldoen. Dit ondanks, of liever gezegd dankzij, het wegvervoer. Omdat de motoren in het wegvervoer veel korter meegaan dan de motoren in de binnenvaart is het mogelijk om iedere keer de laatste technische ontwikkelingen in motortechniek in de automobielindustrie toe te passen. Met als gevolg dat de voorsprong die de binnenvaart op milieugebied jaren heeft gehad – en ook nu nog wel heeft – langzaamaan kleiner wordt. Om hierin verandering te brengen moeten ook de motoren in de binnenvaart aan de laatste ontwikkelingen worden aangepast. Dit is echter niet zo gemakkelijk. Enerzijds omdat de levensduur langer is (je vervangt niet iedere vijf jaar de motoren), anderzijds doordat met de geringe hoeveelheid motoren die in de binnenvaart worden gebruikt er bij de motorfabrikanten niet al te veel animo is om de hoge kosten voor ontwikkeling en aanpassing op zich te nemen. Als deze kosten op de prijs van de motoren zou worden gelegd dan worden ze veel te duur. Er zijn echter ook andere oplossingen om te kunnen voldoen aan de komende strengere eisen die ons vanuit Brussel worden opgelegd. Dit is bijvoorbeeld het gebruik van zeer schone dieselolie of een mengsel met biodiesel. Maar dit zal de uitstoot van CO 2 en NOx niet voldoende verminderen. Een andere mogelijkheid is nabehandeling. Deze techniek wordt nu reeds veelvuldig toegepast maar is relatief duur en de kosten blijven terugkomen. Dan zijn er twee nieuwe mogelijkheden. Dit zijn waterstof en LNG. Hiervan is LNG waarschijnlijk het verst in ontwikkeling doordat dit ook al in de zeevaart en in het wegvervoer wordt gebruikt. Ik zal mij in deze bijdrage verder alleen met LNG bezighouden, vooral ook omdat hier nu het eerste schip mee rondvaart. Aangezien in de regelgeving uitsluitend de met name genoemde dieselolie is toegestaan, moet voor het gebruik van een andere brandstof een gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 2.19, lid 3 van het Reglement Onderzoek Schepen op de Rijn of de Europese Richtlijn 2006/87/EG worden aangevraagd. De teksten in beide reglementen zijn gelijk; alleen de procedures duren bij de Europese Richtlijn momenteel langer. In deze voorschriften is omtrent het gebruik van alternatieve brandstoffen niets opgenomen. Daarom kijken de instanties die de certificaten afgeven allereerst naar regelgeving in de zeevaart, waar dergelijke alternatieven wel zijn toegestaan. Deze voorschriften zijn echter in de binnenvaart niet direct toepasbaar en moeten dan ook worden aangepast. Hoe kom je nu aan zo’n gelijkwaardigheid, want je krijgt pas een certificaat als je alle procedures hebt doorlopen. Het is dan ook niet zo dat je maar alvast kunt gaan inbouwen en dat dan de certificatie wel volgt. Nee, eerst moet er een goed plan op tafel liggen. Alle maatregelen die genomen worden om een gelijk niveau van veiligheid voor schip, bemanning en milieu te garanderen, op papier staan. Deze maatregelen moeten door de bevoegde autoriteit worden beoordeeld en goedgekeurd. Pas als dit alles naar volle tevredenheid is uitgevoerd zal de bevoegde autoriteit de gelijkwaardigheid aanvragen bij de Centrale Commissie voor de Rijnvaart in Straatsburg. In de volgende aflevering zal ik verder ingaan op de voorschriften die werden gebruikt voor de afgifte van het certificaat voor het mts Argonon.

Binnenvaartkrant