Views
3 years ago

2009-22

  • Text
  • Marine
  • Binnenvaart
  • Rotterdam
  • Binnenvaartkrant
  • Europort
  • Nieuwe
  • Jaar
  • Oktober
  • Onze
  • Schepen

De Binnenvaartkrant 94

De Binnenvaartkrant 94 20 oktober 2009 Wij feliciteren familie Vos / familie Kamstra van harte met het bunkerschip Stad Rotterdam en wensen hen veel succes en een behouden vaart! Aluminium werkzaamheden Deuren Stuurhuizen Radar masten Kuipen en Kolommen RVS werkzaamheden Alubouw De Mooy BV • Tel: (078) 682 12 14 Nieuwe Bosweg 4 • Fax: (078) 682 12 17 3341 LH H.I. Ambacht • www.alubouwdemooy.nl Voor het bunkerschip Stad Rotterdam Natuurlijk Installeren verzorgen wij de lading. ZEEVAART BINNENVAART LUXE JACHTBOUW NIEUWBOUW REPARATIE STORING Wij wensen Wij wensen KVB Amesha bunkerschip een behouden vaart! Stad Rotterdam een behouden vaart ! EL-TEC ELEKTROTECHNOLOGIE BV, HOOPJESWEG 2, 8051 DB HATTEM T: 038-4445200 F: 038-4441514 OFFICE@EL-TEC.NL WWW.EL-TEC.NL SCHEEPSINSTALLATIES KASTEN- EN PANELENBOUW BESTURINGSTECHNIEK ELECTRONICA Wij wensen schip en bemanning veel succes en een behouden vaart. UniBarge B.V. Maaskade 119 3071 NK Rotterdam phone : + 31(0)10-2400204 fax : + 31(0)10-2800744 mob: + 31(0) 6-49783863 e-mail : cmooy@unibarge.com bunkerschip Stad Rotterdam Wij danken familie Vos / familie Kamstra voor het in ons gestelde vertrouwen en wensen hen veel succes en een behouden vaart met het bunkerschip Stad Rotterdam Hartelijk gefeliciteerd met het bunkerschip Stad Rotterdam Twee stuks pompunit, type EPS 500. Deze units zijn geschikt voor een capaciteit van 500m 3 /uur stookolie. De pompen worden aangedreven door 230 kW EEx-de ABB elektromotoren. Een stuks EPS/Lagendijk bunkergiek voor het bevoorraden van schepen. Deze giek heeft een werklengte van 28 meter en is voorzien van een 12” leiding. Compleet geleverd met swivels en volledig hydraulisch bedienbaar. Voor extra info: info@epsbv.com Rivierdijk 78 3361 AR Sliedrecht T : +31 (0) 184 411 922 F : +31 (0) 184 419 565 European Pump Services B.V. Ringdijk 506 ~ 2987 VZ Ridderkerk ~ Tel. 0180-44 22 66 ~ Fax 0180-44 22 69

De Binnenvaartkrant 95 20 oktober 2009 Hot Americano, op zoek naar beroepsvaart op de Mekong-rivier (slot) Frank Antonie van Alphen doet verslag van een reis over de Mekong. Hij kijkt met meer dan gemiddelde belangstelling naar de scheepvaart op de Moeder der Wateren, zoals de rivier in Zuidoost-Azië genoemd wordt. DOOR FRANK ANTONIE VAN ALPHEN De Franse ontdekkingsreiziger Henri Mouhot (1826-1861) zette als eerste westerling voet in Luang Prabang. Hij stierf aan hersenmalaria, iets buiten de oude Laotiaanse hoofdstad. Ooit wilden de Franse kolonialisten van de Mekong, waarlangs nu 60 miljoen mensen wonen, een handelsrivier te maken. Watervallen doorkruisten die plannen. Tegenwoordig zijn het de economische ambities van de Chinezen die de rivier parten spelen. De Mekong, de ‘Moeder der Wateren’, ontspringt in Tibet. Om in de eigen energiebehoefte te voorzien, bouwen de Chinezen sinds jaar en dag dammen in de bovenloop van de Mekong, voor de opwekking van hydro-elektriciteit. Afhankelijk van het openen of sluiten van de dampoorten, gaat het nogal op en neer met de rivier. En dat probleem stapelt zich bovenop het jaarlijkse droogseizoen van moeder natuur. Stroomafwaarts zorgt dat voor problemen, en daar varen wij in de slowboat nu met ons neus bovenop. Het waterpeil is te laag, oevers zijn kurkdroog. Landbouwers die hun akkers slecht kunnen irrigeren, moeten 300 miljoen mensen in het Mekong-stroomgebied van voedsel voorzien. De Thaise visindustrie zag de opbrengsten teruglopen, de Cambodjanen menen dat China alleen aan zichzelf denkt. Eindelijk: beroepsvaart Wel financierde het land het opblazen van een aantal stroomversnellingen, waardoor de scheepvaart uitgebreid kon worden. Vooral die van de Chinezen zelf. Op de grens van China, Laos en Birma klagen lokale vissers over de toegenomen concurrentie van schepen uit de Volksrepubliek. Van schepen gesproken…eindelijk zien we beroepsvaart die niet lam aan de kant ligt. Licht beladen lijken de vaartuigen niet, ze vervoeren Nieuwe Stad Rotterdam in de vaart De 28,50 meter lange bunkergiek maakt duidelijk waarvoor de Stad Rotterdam gebouwd is. >> Vervolg van pagina93 “Dat is voor mij heel belangrijk; ik probeer de mensen met wie ik ooit begonnen ben en met wie het klikt, bij elkaar te houden. Ik werk samen met toeleveranciers en onderaannemers waar ik al jaren mee afbouw. En met Bram van Rees werk ik al sinds april 2001 samen. Onze kennismaking was wel bijzonder: het anker van de eerste Stad Rotterdam wilde niet vallen en we gingen langs A.A. Vink om het probleem te laten verhelpen. Van Rees komt aan boord, drukt op een palletje, en prompt viel het anker. Het palletje bleek door een van de matrozen ietwat ‘vast geverfd’ te zijn. We hebben met z’n allen hard staan lachen en toen al bleek dat er sprake is van een bepaalde chemie tussen Bram en mij.” “Hij was voor deze Stad Rotterdam vooral actief in de machinekamer en verder heb ik alles in eigen beheer gedaan. Dat kost ongelooflijk veel energie, maar het was de moeite waard en is zeker voor herhaling vatbaar”, concludeert Johan Vos. In de machinekamer staat als hoofdmotor een MTU (type V4000- 12im) van 1550 pk bij 1600 toeren. De zeven tanks hebben een gezamenlijke inhoud van 2620 kuub. Opvallend is dat zowel de woning als de stuurhut strak en modern is waarbij veel gebruik gemaakt is van de kleur zwart. De lessenaar is in die kleur hoogglans gespoten en maakt, net als de woning, een chique indruk. Johan Vos vertelt daarover: “Ik vind dat echtgenote Angelique zich echt heeft overtroffen als (amateur)inte Eindelijk zien we beroepsvaart. Met houten opbouw en zinken dak varen de schepen voorbij. (foto www.manonbruininga.nl) rieurarchitect. Bij de eerste nieuwbouwtanker Stad Rotterdam, die wij in 2003 in de vaart hebben genomen, had zij de inrichting van de woning, strak en modern, voor haar rekening genomen en ik had voor de stuurhut een soort jaren 20-stijl bedacht. Beide weliswaar mooi, maar niet echt bij elkaar passend. Op onze tweede tanker Crooswijk, in de vaart gekomen in 2006, heeft Angelique beide voor haar rekening genomen. Een stijl met veel mahonie en zwart.” “Bij de nieuwe Stad Rotterdam heeft ze zich wederom overtroffen. Ze heeft nu voor de kleuren zwart en grijs gekozen, waarbij veel gebruik gemaakt is van granieten bladen met een grindmotief; heel gedurfd, maar meer dan geslaagd. Het gepolijste natuursteen op de vloer maakt het geheel echt af. Aan dek hebben we alles zo simpel mogelijk gehouden, al is er wel veel roestvaststaal gebruikt.” De Stad Rotterdam zal voornamelijk te vinden zijn in het ARA-gebied. Eigenlijk valt dat in het niet bij het vaargebied van de Stad Amsterdam. Deze clipper is onlangs vertrokken om, 150 jaar na het verschijnen van Charles Darwins boek On the Origin of Species, in het kielzog van de Beagle een wereldreis te maken. De Stad Amsterdam doet op die reis vijftien landen aan en vaart op drie oceanen. Waar Johan Vos op de Stad Rotterdam beschikt over kapitein Edwin en de matrozen José en Cirio, heeft de Stad Amsterdam dertig bemanningsleden aan boord. vrachtwagens en tankwagens. Met houten opbouw en zinken dak varen de schepen voorbij. De Ammies aan boord van onze slowboat zwaaien. Met veel kabaal natuurlijk. Dat doen ze al twee dagen lang, dus ook nu. We hebben overnachtingsplaats en drugsvrijhaven Pak Beng achter ons gelaten, waar de Happy Pancake een brede glimlach op de gezichten van Amerikaanse toeristen tovert. Kurkige oevers glijden voorbij. Hoe later in het droogseizoen – dat van december tot mei loopt – hoe lager het water, en hoe sneller schepen vastlopen. Dat zal onze slowboat niet snel gebeuren. Vaartuigen als dit zijn gemiddeld een meter of dertig lang met weinig diepgang, en rond de drie meter breed. Het heeft overdekte zitplaatsen en geen gangboorden. Aan beide zijden loopt een smalle richel van kop naar kont, waarover kettingen lopen die het roer aansturen. Achter staat open en bloot een motor in de ‘machinekamer’, die om prijdikke oordoppen vraagt. De Laotianen die het ding bedienen, denken daar niet aan. Die moeten toch stokdoof zijn. Ontdekkingsreiziger We leggen even aan om een paar boeren of vissers die op de oever wachten, op te halen. De vissers die hier aan het werk zijn leveren pittoreske plaatjes op. Netten worden met de hand geworpen, vanaf de wal of uit een boot. Tijdens het aanmeren en aan boord nemen van de dorpelingen, wordt aan boord de accu verwisseld. Een bemanningslid brandt zijn vingers aan de motor als hij hem weer wil starten. Het contact is samen met een enkele toerenteller op een houten plankje gemonteerd. Het is niet de enige keer dat we even stoppen om lokale mensen aan boord te nemen of met boodschappen af te zetten in de buurt van hun dorp. Op dit flexibele rooster varen we verder richting Luang Prabang. Sinds 1995 staat de oude keizerlijke hoofdstad op de Werelderfgoedlijst. Bij aankomst komen we er achter waarom. De machtige koloniale huizen die opdoemen; de sfeer van vervlogen tijden, die nog net niet voorgoed is ingepakt door het massatoerisme. Je voelt je even een Franse ontdekkingsreiziger als je op de stad af drijft. Grommend monster In plaats van Frans kolonialen barst het er nu van de toeristen, die vanaf balkons en statige veranda’s over de Moeder der Wateren uitkijken. Naar de vissers in de avond, naar een prachtige zonsondergang. Of naar het steeds lager zakkende water, luisterend naar de doodsrochel der scheepsmotoren. Zoals deze luidruchtige jongen die verzonken in de houten vloer op het vlak van de slowboat staat. Zelfs de Aaaaaaa- LOOK!!-meeennn roepende Ammies, hebben uiteindelijk vol ontzag moeten zwijgen voor dit hoestende en grommende monster. De scheepvaart op de Mekong is gewoon anders. Accepteer het nou maar, beste westerlingen. Soms zie je de meest beroerde bakken. Het enige voordeel van het lage water is dat die vaartuigen in ieder geval niet kunnen zinken nu. Schepen die soms meer stuurhut en woning dan laadvermogen lijken te vervoeren. Maar zoals al gezegd: lelijk kan heel mooi zijn. Na oevers met eenvoudige hutten gemaakt van hout, bamboe en gevlochten palmbladeren, komt de stenen koloniale hoofdstad in zicht. Wat jammer nou dat we van onze Amerikaanse vrienden afscheid moeten nemen. En wat jammer dat we nauwelijks beroepsvaart hebben gezien. Nu moet ik in Nederland de bibliotheek induiken, om de rest van de vloot te vinden. En die poepbruine Mekong met haar droge oevers en stoffige palmen? Die was nog mooier dan we dachten, zagen we eenmaal weer thuis op tv.

Binnenvaartkrant