Views
3 years ago

2008-11

  • Text
  • Nieuwe
  • Pompen
  • Jaar
  • Schepen
  • Binnenvaartkrant
  • Schip
  • Binnenvaart
  • Rotterdam
  • Shipping
  • Onze

De Binnenvaartkrant 10

De Binnenvaartkrant 10 20 mei 2008 Oude markt in modern jasje Waarom zijn de onderwerpen stadsinfarct, normen voor luchtkwaliteit, CO 2 en fijnstof, Tellus (Transport & Environment aL- Liance for Urban Sustainability), TRAining tools in LOgistics ands TRAnsport; het groenboek ‘Een nieuwe stedelijke mobiliteitscultuur’ en de komst (dit najaar) van het actieplan logistiek/stedelijke bereikbaarheid voor de particuliere binnenvaart interessant? Het zou jammer zijn als we door onwetendheid de boot missen in Europa. Jammer voor steden aan het water. Jammer voor ondernemers in de binnenvaart. Uit de genoemde onderwerpen blijkt dat aanpassingen in de stedelijke distributie onontkoombaar zijn. Het groeiende probleem zal ook wel zonder vervoer over water opgelost worden – of zonder de particuliere binnenvaart. Ook al is het maatschappelijk minder aantrekkelijk als de optimale oplossing niet verwezenlijkt wordt. Het huidige concept van Distrivaart kon weleens onvoldoende zijn om alle kansen te benutten. De kracht van dit zeer goede concept zal toenemen als de extra overslag in de keten kan vervallen. Per bestemming kan gezocht worden naar het meest optimale vaartuig. Aan ruim vaarwater kan dat bijvoorbeeld een groter palletschip of een kleiner schip zijn. En de kleinere bestemmingen kunnen bediend worden met modulair vervoer. De binnenvaart heeft er belang bij duidelijk te maken hoe innovatief goederenvervoer kan zorgen voor efficiënte distributie én leefbare steden. Er is niet alleen aandacht (en véél publiciteit) nodig voor de kansen, maar er moet ook een goede strategie ontwikkeld worden om die oude markt te heroveren en uit te breiden. Er is organisatie en samenwerking nodig. De moderne mogelijkheden moeten goed benut worden. Dit is het tweede en laatste deel van een artikel van Marten Fernhout over de kansen van de binnenvaart om een rol te spelen bij stadsdistributie. De een z’n nood is de ander z’n brood (slot) DOOR MARTEN FERNHOUT* Het is de moeite waard om kennis te nemen van de inhoud van het groenboek ‘Een nieuwe stedelijke mobiliteitscultuur’. Daarom volgen hier een paar, ook voor de binnenvaart, interessante zaken. De uitdaging op het gebied van duurzame ontwikkeling in stedelijke gebieden is gigantisch: de economische ontwikkeling en de bereikbaarheid van steden moet worden verzoend met een betere levenskwaliteit en bescherming van het milieu. Daarvoor is een nieuwe stedelijke mobiliteitscultuur nodig. Het is hoog tijd voor een actie om het tij te keren. Er is dus een zeer grote behoefte aan innoverende en ambitieuze oplossingen voor het stedelijke vervoer waardoor het verkeer vlotter en veiliger verloopt. Zodat onze steden beter bereikbaar worden. Stedelijke mobiliteit moet de voorwaarden scheppen voor de economische ontwikkeling van de stad, de levenskwaliteit van haar inwoners en de bescherming van het milieu. Hiertoe dienen de Europese steden een geïntegreerd antwoord te vinden op de uitdagingen. Veiligheid Congestie in agglomeraties en steden is een van de belangrijkste problemen die tijdens de raadpleging door de Europese Commissie naar voren zijn gekomen. Die verkeersverstopping is schadelijk voor de economie, het sociale leven, de gezondheid en het milieu. En het tast de natuurlijke en de bebouwde omgeving aan. Op lokaal niveau bestaat de belangrijkste uitdaging eruit de negatieve effecten van congestie te verminderen zonder de economie in stedelijke gebieden in het gedrang te brengen. De inspanningen van steden die een pioniersrol vervullen in de strijd tegen congestie moeten worden erkend. De overheid moet het inzetten van veilige vervoersdragers, en zonodig, efficiënte aansluitingen tussen de verschillende vervoerwijzen stimuleren. En de veiligheid moet bevorderd worden. Elke EU-burger zou op een veilige manier in de stad moeten kunnen reizen en leven. Bij het lopen, fietsen of het besturen van een auto of vrachtwagen zou men zo weinig mogelijk persoonlijke risico’s mogen lopen. Mensen zijn zich gelukkig steeds beter bewust van Met Distrivaart speelde de binnenvaart ook al in op de behoefte aan nieuwe concepten voor stadsdistributie. (archieffoto MGR) hun verantwoordelijkheid om hun eigen leven en dat van anderen te beschermen. In 2005 kwamen op de Europese wegen 41.600 mensen om het leven. Dit is nog ver verwijderd van het streefcijfer van maximum 25.000 slachtoffers per jaar. Ongeveer tweederde van de ongevallen gebeurt in de stad. Een derde van de verkeersslachtoffers valt in de stad. Groenboek In het groenboek Een nieuwe stedelijke mobiliteitscultuur staan veel belangrijke vragen. Er zijn juist ook voor de binnenvaart mooie kansen om daar als bedrijfstak voordeel uit te trekken. ‘Hoe kan in onze steden een modal shift naar duurzame vervoerswijzen op gang worden gebracht?’ En de vraag: ‘Hoe kan de coördinatie tussen stads- en regionaal vervoer enerzijds en ruimtelijke ordening anderzijds worden verbeterd? mag er ook zijn. De binnenvaart kan ook helpen om de verkeersveiligheid te verbeteren. Ze moet er voor zorgen niet vergeten te worden bij doelgerichte onderzoeksactiviteiten naar bijdragen voor de integratie van stedelijke knelpunten en de ontwikkeling van stedelijke mobiliteit. Een positief antwoord op de vraag of de externe kosten geïnternaliseerd moeten worden, zal naar mijn mening positief voor de binnenvaart zijn als de methode verantwoord en eerlijk is. Tot zover iets over dit groenboek en de kansen voor de binnenvaart. Dankzij De Binnenvaartkrant heb ik nog op de valreep gebruik kunnen maken van de inspraakmogelijkheid op dit groenboek. Kleine vaarwegen Vorig jaar heeft het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een oproep gedaan om kansrijke nieuwe concepten voor de binnenvaart op de kleine vaarwegen te ontwikkelen die aansluiten op de eisen in de bevoorradingsketen. Het ministerie vroeg om innovatieve plannen en ideeën die de binnenvaart op de kleine vaarwegen nieuw leven kunnen inblazen. En die ook een bijdrage leveren aan de versterking van de positie van de binnenvaart op de kleine vaarwegen. Als er veel over water aan- en afgevoerd wordt, dan is het handig om als bedrijf een locatie te hebben die vanaf het water goed bereikbaar is. De scheepvaart op de kleinere vaarwegen is nu afhankelijk van kleinere, beperkte overslagfaciliteiten. Het is een grote uitdaging om met nieuwe ideeën de afhankelijkheid van deze beperkte faciliteiten te doorbreken. En te zoeken naar een nieuw concept dat een bedrijfseconomisch perspectief biedt en het aantrekkelijker maakt om bedrijven aan het water te vestigen. Ik heb aan Leen Schipper gevraagd om deel te nemen aan de wedstrijd via SenterNovem SBIR om de financiering van het haalbaarheidsonderzoek van mijn idee voor stedelijke distributie. In 2004 heb ik artikelen geschreven over zuiniger en sneller varen. En daarin heb ik ook gewezen op een idee voor stedelijke distributie met kleine vaartuigen. Dat heb ik uitgewerkt in een serie artikelen, die ik in 2005 speciaal voor De Binnenvaartkrant heb geschreven: ‘Stadsdistributie kan slimmer met binnenvaart’. Het in deze beide artikelenseries verwoordde idee komt ook enigszins overeen met het winnende, maar later geformuleerde, voorstel voor een haalbaarheidsonderzoek van Het in deze beide artikelenseries verwoordde idee komt ook enigszins overeen met het winnende, maar later geformuleerde, voorstel voor een haalbaarheidsonderzoek van de heer H. Blaauw, consultant van Dutch Logistics Development. En de EVO heeft zich achter dit idee geschaard. Het gaat om een innovatief binnenvaartconcept om steden op een schone manier te bevoorraden door gebruik te maken van de kleine vaarwegen. Daarom is er nu, gelukkig, veel publiciteit voor ‘Mokum Mobiel: Vracht door de gracht’. Een onderdeel hiervan is het concept om via de Amsterdamse grachten de winkels in de binnenstad te bevoorraden en te ontdoen van afval en retour emballage. Ik heb overigens in 2005 mijn idee ter kennis gebracht aan stadsdeel Amsterdam-Centrum en Binnenwaterbeheer Amsterdam. Voorlichting De voorlichtingsbureaus van de binnenvaart – op nationaal niveau en op overkoepelend niveau (de INE) – kunnen behulpzaam zijn als er concrete vragen zijn. ‘Kies binnenvaart voor alles stilstaat’ is een antwoord op ‘zonder transport staat alles stil’. Van het BVB weet ik dat het met verschillende activiteiten een toenemende belangstelling voor transportoplossingen met vervoer over water bevordert. En dus actief intermodale oplossingen en nieuwe concepten naar voren brengt. Het ligt voor de hand dat alle voorlichtingsbureaus van de binnenvaart daar positief over zijn. Het voorlichtingsbureau Promotie Binnenvaart Vlaanderen (PBV) heeft te kennen gegeven dat het stimuleren van innovatieve transportconcepten belangrijk is. Tot slot, om een indruk te geven van de vervoersstromen waar het om gaat: Elke dag gaan er bijvoorbeeld minstens zes volle vrachtwagens naar de Albert Heijn-winkel in de Vijzelstraat in Amsterdam. Drie met houdbare en drie met verse producten. In elke vrachtwagen passen 22 tot 24 pallets. De goederen die daarop staan, worden die dag allemaal verkocht. * Drs. Marten Fernhout is exvoorzitter van de Federatie van Schippersbonden.

De Binnenvaartkrant 11 20 mei 2008 Innovatieproject ‘Shore engineer’ Bij het seminar ‘shore engineer’ op 7 mei viel het innovatieproject in de shortsea in vruchtbare aarde. Doel van dit project is na te gaan hoe shortsea- schepen beter ondersteund kunnen worden vanaf de wal. Rederijen, vertrouwensmakelaars, kapiteineigenaren, toeleveranciers en TNO stemden unaniem in met het opzetten van dit gezamenlijke innovatietraject. Hiermee wordt het veiligheidsniveau verhoogd en een instroommogelijkheid voor jonge SWK-ers (stuurman/werktuigkundige kleine schepen) voor de Nederlandse vloot gecreëerd. Het enthousiasme voor deelname aan dit project is groot. Door de aanwezige scheepseigenaren werden spontaan 25 schepen aangemeld. Ook van collega’s die niet aanwezig konden zijn, werden potentiële schepen genoemd voor deelname. Zoals één van de deelnemers zei: “Ik hoop wel dat deze nog mee mogen doen!” Tijdens de bijeenkomst werd tevens een nieuwe projectnaam gelanceerd: ‘Shore Support’. Deze titel zal vanaf nu gebruikt worden in de communicatie over dit innovatieproject. Geïnteresseerden voor deelname aan het project kunnen zich nog tot 31 mei melden bij Gert-Jan Huisink, general manager bij HME (010 – 444 43 33, e-mail: gh@hme.nl) of bij Tjitso Westra, stafmedewerker KVNR: 010 – 414 60 01, e-mail: westra@kvnr.nl). De introductie van het innovatieproject ‘shore engineer’. Jaguar met enorme biertanks Een lading van elf biertanks, waarvan meter brede schip wordt vaker ingezet vijf aan dek, vervoerde de coaster Jaguar vanuit Zeebrugge naar Roemenië. en Noordwest-Europa werden bijvoor- voor bijzondere transporten. In Noord- De in totaal 220 ton zware tanks werden in Braila, de grootste Roemeense is gebouwd bij Scheepswerf Ferus Smit beeld windmolens vervoerd. De Jaguar rivierhaven aan de Donau, gelost en in Westerbroek en maakte deel uit van waren bestemd voor een brouwerij in een serie van 19 ijsversterkte (1A) multipurpose 6000-tonners. 17 daarvan Boekarest. De Jaguar vaart voor Wagenborg en kwam in november 2006 waren voor Wagenborg en aan dat in de vaart. Het 110 meter lange en 14 bedrijf gelieerde rederijen. BUITENOM met dank aan het Shortsea Shipping Voorlichtingsbureau Nieuwe Ro-Pax op route tussen Duitsland en Litouwen DFDS koopt een nieuw ferryschip voor de routes tussen Duitsland en Litouwen. Het nieuwe schip van het type Ro-Pax wordt volgend jaar mei in de vaart gebracht. Het schip heeft een capaciteit van 600 passagiers en 2.500 meter opstelbanen voor vracht en personenauto’s. DFDS versterkt hiermee het routenet op de Baltische Golf. Verwacht wordt dat de vraag naar ferrydiensten in de Baltische regio komende jaren opnieuw zal groeien met passagiers en vracht. Daarom breidt DFDS de capaciteit op de routes verder uit. Een investering van zo’n 80 miljoen euro. Het nieuwe ferryschip wordt ingezet op de route Kiel–Klaipeda (Litouwen). Tolgelden DFDS verwacht dat de introductie van het nieuwe schip een verschuiving in transport teweeg zal brengen en een comfortabel alternatief biedt voor het vervoer over land via Duitsland en Polen, waar de tolgelden steeds verder stijgen en de verkeersdrukte toeneemt. DFDS Group is één van de grootste ferrymaatschappijen in Noordwest- Europa met een vloot van 65 schepen en een uitgebreid routenetwerk voor zowel passagiers als vracht. Vanuit IJmuiden vaart DFDS Seaways dagelijks naar Newcastle in Noord-Engeland. Met zes passagiersschepen is DFDS Seaways marktleider in ferryverbindingen op de Noordzee. Het hoofdkantoor is gevestigd in het Deense Kopenhagen. Vlag voor BICS-gebruikers Gebruikers van BICS die de lading elektronisch melden bij de vaarwegbeheerder, kunnen een vlag krijgen bij Bureau Telematica. Elektronisch melden is niet alleen accuraat en gemakkelijk, het is voor de containervaart op de Rijn sinds 1 april ook verplicht, mits er containers met gevaarlijke stoffen worden vervoerd en/of meer dan twintig containers. Maar die verplichting is niet helemaal hard, zo bleek bij een overigens zeer slecht bezochte gebruikersbijeenkomst van BICS tijdens de beurs Construction & Shipping Industry in Gorinchem. Op de eerste plaats is de nieuwe BICS-versie (3.07) nog niet voldoende getest om te kunnen voldoen aan de eisen die internationaal gelden voor het elektronisch melden van containerladingen. Jos van Splunder, bij Rijkswaterstaat verantwoordelijk voor BICS, legde uit dat alle systemen van de Nederlandse maar ook van de Duitse overheid gereed moeten zijn om de berichten van de nieuwe BICS-versie te ontvangen. Pas als alles voldoende is getest, kan het programma worden geïntegreerd in de stuwagesoftware zoals die wordt gebruikt door de containervervoerders. CCR Duidelijk is dat zolang de nieuwe BICS-versie niet is verspreid onder de binnenvaartondernemers die met containers varen, de verplichting niet hard kan worden gemaakt. Verwacht wordt dat de op 1 april ingevoerde verplichting alsnog van kracht wordt verklaard door de Centrale Rijnvaartcommissie (die daarover binnenkort met een officiële mededeling komt). Bureau Telematica Binnenvaart (dat de integratie van BICS in de binnenvaart begeleidt) en Rijkswaterstaat verwachten dat het eerste jaar van de verplichting niet direct boetes zullen worden opgelegd als iemand zich niet elektronisch heeft gemeld. De meldplicht voor het vervoer van gevaarlijke stoffen is overigens wel (al jaren) hard. Alleen het elektronisch melden is een nieuwe verplichting. SCHEEPSWERF HOOGERWAARD Henk van Laar (rechts), programmaleider van Bureau Telematica, en Jos van Splunder van Rijkswaterstaat, tonen de nieuwe BICS-vlag voor binnenvaartondernemers die zich elektronisch melden. (foto MGR) WAALHAVEN PIER 8 ROTTERDAM 010-4290888 Dwarshellinglengte 90 m.

Binnenvaartkrant